Irakese doden tellen niet

Redactioneel

Een gevangen genomen piraat werd voorgeleid aan keizer Augustinus die tegen hem uitviel: "Hoe dúrf je de zee onveilig te maken." De piraat antwoordde: "Hoe dúrft u de hele wereld onveilig te maken." De keizer moest hard lachen om het antwoord van de piraat.

De tegenslagen in de war on terror waren de afgelopen weken voorpaginanieuws. De stoere taal van George Bush ten spijt begint de twijfel langzamerhand ook door te dringen tot de gevestigde orde. Vrijwel dagelijks worden er bij aanslagen Amerikaanse militairen en bondgenoten gedood. Bush houdt dapper vol: "We zullen de wereld bevrijden van de boosdoeners." Maar op de voorpagina kopt NRC: "Oorlog tegen terreur kan heel lang duren" (21/11/03). De schrijfster ervan, Carolien Roelants, twijfelt openlijk aan de wijze woorden van Bush. Ze zet de hele reeks aanslagen van het afgelopen half jaar achter elkaar en ziedaar "de feiten zijn onbarmhartig": "De oorlog tegen terreur zelf heeft voor verversing van de motivatie [bij de terroristen] gezorgd."

Op de opiniepagina staat een stuk van deskundige Arend Jan Boekestijn: "Dit is geen moment om te weifelen." Waarin hij iedereen aanspoort, ook "links" en vooral de regering, door te gaan in Irak. We zijn namelijk "gedoemd tot succes." Boekestijn opent zijn stuk schuldbewust: "Ik wou dat ik links was. Het lijkt me heerlijk, want ik zou me dan bijna nooit hoeven te verantwoorden voor mijn standpunten." Door middel van dit sarcastische stukje probeert hij toch nog het gelijk van de "cynische Realpolitik" te halen, want ondanks alles zullen "de Amerikanen toch wel het vuile werk opknappen."

Roelants en Boekestijn zijn twee zijden van de munt die door hoofdredacteur Folkert Jensma dagelijks geroemd wordt als ‘interne pluriformiteit’. Dé oplossing voor het teruglopend aantal krantentitels in Nederland. Op het eerste gezicht ziet het er beschaafd uit. Op de voorpagina Roelants die zegt dat de oorlog tegen het terrorisme niet gewonnen kan worden en op de opiniepagina Boekestijn die zegt dat we niet kunnen verliezen. Je reinste interne pluriformiteit.

Toch is het maar schijn. Beiden laten cruciale vragen buiten beschouwing. Wat willen de Irakezen eigenlijk zelf? Heeft Amerika überhaupt wel de goede papieren om vrijheid en democratie te verspreiden over de wereld? En wat is het doel van de oorlog tegen terrorisme? Het zijn heel voor de hand liggende vragen die nauwelijks aan bod komen in het debat over de war on terrorism. Boekestijn is misschien wat ranziger in zijn argumentatie en geneigd om wat meer te liegen, ook Roelants mijdt de voor de hand liggende vragen en geeft daarmee de grens aan van wat een redelijk mens aan de orde behoort te stellen.

Vrijwel dagelijks worden we uitgenodigd mee te treuren over het leed dat de Amerikanen en bondgenoten te verduren hebben. Toch is het niet onaannemelijk dat er als gevolg van de "harde campagne om met behulp van luchtbombardementen en door satelliet gestuurde raketten nieuwe guerrilla-aanslagen te voorkomen," ook Irakese slachtoffers vallen. Probeer ze maar eens te vinden.



Terug