"Ordeverstoringen in het Parooltheater
how petit-bourgois can you get."

Babyboomers in nood

Freek de Jonge en Pieter Broertjes in debat over de media

Waarin Pamela, samen met de Lux et Libertas ombudsman Micha Kat, gezellig naar een discussiebijeenkomst gaat over de onafhankelijkheid van de Nederlandse dagbladpers, en verdorie bijna alwéér wegens wangedrag en ordeverstoring wordt verwijderd, ditmaal uit het Parooltheater! Wat zijn die persjongens toch lichtgeraakt tegenwoordig!

door Pamela Hemelrijk

Wat is er toch met die babyboomers aan de hand, vraag ik u af? Vroeger waren ze verzót op ordeverstoringen! Ze gooiden in de Stadsschouwburg tomaten naar het hoofd van Ank van der Moer. Ze bestormden het podium van het concertgebouw met pannendeksels en notenkrakers. Ze kieperden emmers verf leeg over de minister van Onderwijs. Ze spuwden de Amsterdamse burgervader fluimen op zijn kraag. Het kon ze niet heet genoeg toegaan. De Volkskrant was toen een groot fan van deze ludieke axies, dat staat me nog levendig bij. En nu zijn diezelfde dekselse kwajongens van babyboomers al dodelijk op hun pik getrapt als je vanuit de zaal een schampere opmerking maakt tegen hun held Pieter Broertjes! Dat noemen ze dan een ordeverstoring! How petit-bourgeois can you get, zou me moeder zeggen?
En ons was nog wel nadrukkelijk verzocht om naar hartelust te interrumperen! Want Freek de Jonge en Pieter Broertjes zaten te popelen om een dialoog met de zaal aan te gaan, aldus anchorman Joost Dievendal, de nieuwe hoofdredacteur van het zeldzaam deprimerende sjoernalistenvakblad de Journalist.

U begrijpt, dat lieten Micha en ik ons geen twee keer zeggen, want de onafhankelijkheid van de pers (of liever gezegd het geheel en al ontbreken daarvan) is een van onze favoriete onderwerpen van gesprek. Bovendien werd er op het toneel een ontstellende hoop bullshit verkocht, met permissie. Broertjes verklaarde bijvoorbeeld resoluut dat het tegenwoordig mode was om de pers wegens heulen met de machthebbers aan de schandpaal te nagelen (was het maar wáár, Broertjes; dan zát je hier niet meer!) en dat dat nou maar eens afgelopen moest zijn. Want er bestonden helemáál geen kooterietjes van journalisten, politici, topambtenaren, voorlichters en mediatrainers, volgens hem, en al helemaal niet bij de Volkskrant. Hij, Broertjes, kon zo wel drie (3!) Volkskrantredacteuren opsommen die zo onafhankelijk waren als de pest, pochte hij. "U hoeft ze natuurlijk niet bij name te noemen hoor", zei de gedienstige Dievendal haastig.

En dat noemt zich interviewer, dacht ik. Dadelijk gaat hij Broertjes nog voorlezen dat hij niet tot antwoorden verplicht is, omdat alles wat hij zegt tegen hem gebruikt kan worden. Dus ik roep vanuit de zaal dat ik die namen wél graag wil horen. Nou, Janjoost Lindner bijvoorbeeld, die had zich nooit door wie dan ook laten inpakken. Maar dat was wel lang geleden, had ik sterk de indruk, want hij sprak over Janjoost in de verleden tijd. Volgens mij werkt die onafhankelijke Janjoost daar al jaren niet meer. Hetzelfde geldt volgens mij voor Volkskrantredacteur nummer twee (de naam is me helaas ontschoten) die eveneens werd opgevoerd als een toonbeeld van sjoernalistieke integriteit. (Allemachtig: er werkt dus momenteel bij de Volkskrant zegge en schrijve nog één (1!) onafhankelijke sjoernalist! Een uitermate zorgelijke situatie, zou men zeggen.)

"Trouwens, waar bemoei jij je eigenlijk mee, bimbo? Heb jij hier de leiding of zo?"

Enfin, wij mengden ons dus af en toe in het gesprek, Micha en ik. De rest van de zaal trouwens ook. Maar onze toon was te schamper, als ik het goed begrepen heb. Wij waren niet beleefd en diplomatiek genoeg tegen Pieter Broertjes en Freek de Jonge, en wij hadden er niet genoeg begrip voor dat het vooral Een Leuke Avond moest blijven, daar kwam het op neer. Dus toen Micha voor de tweede keer zijn mond open deed, vroeg Freek de Jonge of Micha het misschien van hem wilde overnemen, en maakte aanstalten het toneel te verlaten. Micha aarzelde even, en zag er toen vanaf, wat ik achteraf jammer vind. Ik had Freek zijn plaats eigenlijk best willen innemen, om u de waarheid te zeggen. Want ik héb toch een hoop vragen te stellen aan Pieter Broertjes! Wat zou ik hem bijvoorbeeld graag aan de tand hebben gevoeld over dat bespottelijke Volkskrantverhaal van vorige week, onder de kop "Margarita is een nep-prinses". Nep-prinses? Wat gaan we nou krijgen? Dat mokkeltje heeft toch sinds 1980 of daaromtrent de wettelijke status van prinses? Bij Koninklijk Besluit? What more proof do you need, zou me moeder zeggen? Maar de Volkskrant blijkt ergens een gepensioneerde, misschien wel demente, hoogleraar Staatsrecht opgeduikeld te hebben die een fervent tegenstander is van deze wetgeving. Waarom, dat wordt er niet bij verteld. Maar als het aan hem had gelegen was dat Koninklijk Besluit er niet gekomen. Het had nooit mogen gebeuren, aldus de bedlegerige grijsaard.

Als de Volkskrant uit het gemummel van deze bejaarde concludeert dat Margarita een nep-prinses is, dan kun je net zo goed in de krant zetten dat professor Daudt een nep-professor is, als je tenminste een aderverkalkte ex-hoogleraar Bedrijfskunde kunt vinden die indertijd op zijn benoeming tegen was.

Maar om op die bijeenkomst terug te komen: toen Micha voor de derde keer zijn mond opendeed, legde de zaalwachter hem een spreekverbod op. "Nog één woord, en ik zet je deruit", sprak hij, een dreigende wijsvinger in onze richting priemend. Wij mochten ook niet meer gnuiven of elkaar iets in het oor fluisteren; dat werd ons uitdrukkelijk verboden, op straffe van verwijdering. Het leek wel of we op een strenge nonnenschool zaten. Ja, ze willen dolgraag in debat, maar alleen met mensen die de Volkskrant een kwaliteitskrant vinden. Niet met lui die daar heel anders over denken.

"De helft van de spreektijd werd besteed aan gelul over voetbal"

Gelukkig trok anchorman Dievendal zowaar de stoute schoenen aan, en stelde een kritiese vraag: of Broertjes misschien een voorbeeld kon geven waaruit bleek dat de Volkskrant een onafhankelijke krant was? Daar moest Broertjes even rustig over nadenken; hij was blijkbaar geheel door zijn voorraad integere ex-reporters heen. "Na de pauze", beloofde hij. Maar toen kwam er uiteraard niemand meer op terug. En wij konden het ook niet doen, Micha en ik, want wij mochten immers niks meer zeggen.

In de pauze werd het zowaar toch nog geanimeerd. "Dat komt hier maar met veel poeha de martelares van de persvrijheid uithangen", foeterde Freek de Jonge. Ook mevrouw de Jonge had zich wezenloos aan mij geërgerd, zo bleek. Ze verzocht me met klem om weg te gaan, als de voorstelling me niet beviel. "Ik prakkizeer d'r niet over", riep ik geestdriftig. "De voorstelling overtreft juist mijn stoutste verwachtingen! Ik wil d'r geen seconde van missen! Trouwens, waar bemoei jij je eigenlijk mee, bimbo? Heb jij hier de leiding of zo?"
That did it. Ze trok zich beschaafd terug, in plaats van mij de ogen uit te krabben. Every inch a lady, die mevrouw De Jonge; ere wie ere toekomt. Maar ja, de brutalen hebben nou eenmaal de halve wereld, dat weet iedereen. En als ik het nog niet wist, dan heb ik het wel van die babyboomers geleerd. (Bedankt voor de tip nog jongens! Het werkt inderdaad als een trein!)

We mochten dan wel niks meer zeggen, de Lux et Libertas Ombudsman en ik, maar het geanimeerde debat in het Parooltheater wil ik u toch niet onthouden. Je bent per slot verslaggever of je bent het niet.

Zo gaf Broertjes bijvoorbeeld toe dat er in de media volop gemanipuleerd en georkestreerd werd, vooral op de televisie, maar dat was niet de schuld van de media; dat was de schuld van de voorlichters, de spin-doctors en de Bekende Nederlanders. Want we konden nou allemaal wel vinden dat een krant onafhankelijk moest zijn, maar dat viel soms om de dooie dood niet mede, volgens Broertjes. Want als een krant zich krities opstelde, dan kwam dat zo'n krant vaak duur te staan, volgens Broertjes. Neem nou Louis van Gaal; over die man had de Volkskrant ooit "zeer krities" geschreven, en sindsdien had die ploert doodleuk geweigerd om zich ooit nog door de Volkskrant te laten interviewen! Zodat de concurrentie met Louis van Gaal aan de haal kon gaan, en de Volkskrant het nakijken had! En dát kon natuurlijk niet, dat snapten we toch zeker wel! (Dus om de Volkskrant concurrerend te houden, moeten de lezers voortaan maar accepteren dat ze propaganda voorgeschoteld krijgen in plaats van nieuws? Bedoelt Broertjes dat? Ik vrees van wel. Iets anders was uit zijn geraaskal althans niet af te leiden.)

"En als ze het niet over voetbal hadden, dan ging het over de persvrijheid in het buitenland"

Nou, daar stond Freek de Jonge paf van, dat iemand als Louis van Gaal zomaar de Volkskrant een blauwtje mocht laten lopen! "Het is toch eigenlijk een schande", slijmde hij tot Broertjes, "dat die vent dat botweg kan weigeren! Daar zou toch eigenlijk een sanctie op moeten staan? Hij zou daar toch eigenlijk toe verplicht moeten worden?"

Sakkerloot, dacht ik bij mezelf. Freek de Jonge is dus voorstander van een samenleving waarin het de burger niet meer vrijstaat om een interview te weigeren! Waarin de burger verplicht is om dag en nacht op de wenken van de media te vliegen! Op straffe van een zware boete, of detentie, of twintig stokslagen, of what have you. Zou hij zich niet realiseren dat ook hij, Freek de Jonge Himself, zich dan dag en nacht beschikbaar moet houden voor interviews met de Privé, de Weekend en de Story? Of stelt hij zich misschien voor dat de overheid dan kwaliteitscriteria gaat opstellen voor de media? Zodat sommige kranten wél de bevoegdheid krijgen om onder dwang interviews af te nemen, en andere niet? Als dat de bedoeling is (en ik vermoed van wel, want hoe moet je er anders voor zorgen dat Freek zich niet met de Privé hoeft in te laten) dan weet ik nog een land waar Freek de Jonge zich als een vis in het water zou hebben gevoeld. De DDR. En hij is de enige niet.

Enfin, geloof het of niet, maar de helft van de spreektijd werd door Freek de Jonge en Pieter Broertjes besteed aan gelul over voetbal. Voetbal was duidelijk hun favoriete onderwerp van gesprek. Dáár weten ze alles van, had ik sterk de indruk. Het leek wel een vergadering van een sportredactie, in plaats van een debat over de onafhankelijkheid van de pers. En als ze het niet over voetbal hadden, dan ging het over de persvrijheid in het buitenland. Want de persvrijheid in het buitenland, dáár breken ze zich wél graag het hoofd over. In Amerika bijvoorbeeld, sprak Freek de Jonge zorgelijk, dáár werd het hele mediacircus gemonopoliseerd door een exclusief circuit van kapitalistische uitzuigers, en Jan met de Pet had daar niks in te brengen.
Zo anti-Amerikaans als ik ben, moet ik dat toch tegenspreken. In Amerika is Jan met de Pet nog steeds beter af, al was het maar omdat er in Amerika talloze krantenconcerns en tv-stations bestaan, die elkaar vrijelijk beconcurreren, en onafhankelijk zijn van overheidssteun. Hier daarentegen vallen alle landelijke dagbladen op één na onder hetzelfde PCM-concern, dat zeer warme contacten onderhoudt met de boven ons gestelde autoriteiten, en regelmatig centen uit de schatkist krijgt toegeschoven. En dan heb ik nog niet eens over de publieke omroepen, die geheel en al door de staat worden gefinancierd, en on the side ook nog fortuinen mogen incasseren aan reclamezendtijd. Eén ding is zeker: een Amerikaanse klokkenluider heeft meer kans met zijn kop op de buis te verschijnen dan een Nederlandse klokkenluider. Maar weet Freek de Jonge veel; die zit altijd naar het voetballen te kijken. O ja, hij stak ook nog een verward relaas af over Noam Chomsky, maar hoe ik ook mijn best deed, ik kon er geen touw aan vastknopen, aan dat georakel. Hijzelf ook niet, wil ik wedden.

"En dat allemaal om ons in te prenten dat wij het hier zo goed hebben."

Ja, als er netelige dingen ter sprake worden gebracht, dan mogen die persmuskieten tegenwoordig graag vluchten in het buitenland. Laatst was er weer een (geheel door het ministerie van Verkeer en Waterstaat geproduceerd én gefinancierd; het stond zowaar op de aftiteling) programma op de tv over Ruimtelijke Ordening. Daar vertelde een Nederlandse academica, gezeten in een Bangkokse toektoek, dat "in het buitenland" de verkeersproblemen pas werden aangepakt nadat ze waren ontstaan, vandaar dat het daar zo'n chaos was; maar bij ons in Nederland werden de problemen gelukkig al aangepakt voordat het zover was. (Die Verkeer en Waterstaat-troel heeft zeker nog nooit geprobeerd om in Nederland met de trein van A naar B te komen.) Het was een hele dure propagandafilm, waarvoor deze hooggeleerde trut de halve wereld was afgereisd, zo te zien. En dat allemaal om ons (op onze kosten!) in te prenten dat wij het hier zo goed hebben. Ik adviseer Verkeer en Waterstaat om de volgende aflevering van dat programma uit te besteden aan de Cubaanse staatsomroep. Die kan dat vast nog veel beter. En dan is het ook nog een vorm van ontwikkelingshulp. De Nederlandse sjoernalistenvakbond is trouwens ook zeer actief in het buitenland, kan ik u melden. Laatst vroeg ik ze om een bijdrage in mijn proceskosten, want ik was per slot lid, en dat betekent dat je aanspraak kunt maken op hun juridische bijstand. Maar dan moest ik wel motiveren waarom ik een externe advocaat had genomen in plaats van een van hun eigen juristen, anders ging het feest niet door. "Omdat de NVJ geen ene boodschap heeft aan de persvrijheid", zei ik dus. "Die club van jullie heeft geen kik gegeven toen het AD mij, louter vanwege mijn mening, aan de dijk probeerde te zetten. Dus in die juristen van jullie heb ik geen vertrouwen." Nou, dat was helemaal niet waar, volgens secretaris Hans Verploeg. De NVJ was juist een zeer actief strijder voor de vrijheid van meningsuiting! De NVJ voerde zelfs op dit eigenste moment een grootscheepse campagne voor de persvrijheid in Marokko!
"Lumineus idee", zei ik. "Als ik straks in de WW zit zal ik mij troosten met de gedachte dat er dankzij mijn contributie weer hoop gloort voor de gebreidelde reporters in het Atlasgebergte. Veel succes met jullie strijd. En mag ik dan nu mijn NVJ-lidmaatschap opzeggen?"
Dat mocht. Wat een meevaller! Er zijn per slot ook vakbonden waarvan je verplicht lid moet zijn. Maar zoiets dictatoriaals schijnt alleen in het buitenland voor te komen, heb ik ergens gelezen. Ik weet niet meer waar: zal wel een brochure van Verkeer en Waterstaat zijn geweest.



Terug