Met open media naar democratie

De huidige democratie is gebaseerd op beperkte vrijheid. Dit blijkt onder andere uit gebrek aan directe toegang tot media. Open media is een bron voor democratische samenwerking.

door Robin van Stokrom

Iedereen kan journalist spelen. "Niet de media haten, maar het gewoon zelf doen. Wie kan beter dan een staker uitleggen waarom hij of zij staakt, een betoger waarom hij of zij betoogt, een organisatie waarom zij iets organiseert?", zo stelt een flyer van een van de honderd indymedia internet-sites.

Waarom zou je afhankelijk willen zijn van anderen voor nieuws? Sociale bewegingen hebben dit motto altijd ter harte genomen en zijn door het verleden heen eigen media gestart. Ook Ravage kent hierin haar oorsprong.

Ravage is een voorbeeld van eigen media, een actieblad met nieuws en achtergronden over en voor politieke actiegroepen. Ravage is ook een voorbeeld van open media. Personen en groepen kunnen bijdragen leveren, zolang die in het kader passen. Het blad wordt dus niet alleen gelezen door lezers, maar ook door ons gemaakt.

Maar Ravage is tot zekere hoogte beperkt. Het bestaat uit een bepaald aantal pagina's, verschijnt om de drie weken, en heeft een redactie die bepaalt wat in het blad komt en vooral ook hoe.

Internet biedt meer mogelijkheden wat dat betreft. Iedereen kan in principe publiceren via eigen websites. Er zijn sites die dit makkelijker maken, zoals de nieuwssites van indymedia waar je zelf (actie)nieuws publiceert en waar dit soort nieuws samenkomt. Tot op zekere hoogte is dit een betere vorm van 'open media', maar is zoiets los van internet mogelijk? En is internet wel zo volmaakt?

Elite

Media zijn een elite-aangelegenheid met professionele journalisten en betalende consumenten, die eten wat de pot schaft. Marktprofilering, -positie en -aandeel is voor de media-eigenaren belangrijker dan inhoud. De meeste media zijn hierdoor in vele opzichten gesloten.

Door deze geslotenheid is er veel kritiek op 'de media'. Zij zijn oppervlakkig, arrogant, uit op zelfbehoud en cynisch. Deze kritiek is zeker niet nieuw. Verslaggevers zijn en blijven te volgzaam ten opzichte van 'de macht'. Zij luisteren slecht naar 'het gewone volk' en berichten weinig over overlevingsstrijd van mensen elders in de wereld. In bijna alle berichtgeving staat het 'Nederlands belang' voorop, wat een heel nauw blikveld oplevert.

Daarnaast is er weinig ruimte voor onderzoeksjournalistiek in de gangbare media, mede als gevolg van andere prioriteiten die eigenaren en hoofdredacteuren stellen aan beschikbare middelen. Journalisten nemen veel van elkaar over en ze gebruiken veelal dezelfde berichten van nieuwsagenten zoals ANP, AP, AFP en Reuters. De wens tot pluriformiteit staat alleen nog in de statuten van een enkel groot uitgeversconcern of komt op tv tot uitdrukking in het logo.

Open media

Tot zover de kritiek, hier nog vrij algemeen beschreven. Er zijn talloze journalisten die het 'beter' en 'anders' willen. Het is ook niet allemaal bar en boos. Er zijn stromingen die 'de stem' van 'de straat' meer vertegenwoordigd willen zien en journalisten die afdalen naar 'het volk' om 'democratischer' te zijn.

Het blijft inderdaad beperkt tot afdalen naar het volk en bij een trend. Structureel verandert er weinig, wat onder meer blijkt uit het feit dat deze stroming door de jaren heen regelmatig opkomt. Media kunnen wel democratisch worden door ze open te gooien - met toegang voor iedereen.

Internet heeft recentelijk het open media idee bekend gemaakt. Iedereen kan een plek op het wereldwijde digitale netwerk vinden, van waaruit zij kan berichten. Maar internet is niet het enige medium dat open is of open kan zijn. Wat vaak wordt vergeten is dat het idee van open media al veel eerder in de praktijk is gebracht met televisie en radio. In feite kan iedereen met een zender uitzendingen maken. Dat is vaak gedaan, met vrije radio en tv-piraten (zoals Staats Rabotnik-TV), vooral in de jaren zeventig en tachtig van de 20e eeuw.

Daarnaast is drukwerk open media, zij het dat papier veel geld kost en daardoor minder open is. Er zijn in het verleden veel buurtkranten geweest, die een veel directere band hadden met de mensen. Nog altijd zijn er dit soort kranten, zoals de Staatskrant in stadsdeel Amsterdam Westerpark, die door het wijkcentrum en bewoners zelf gemaakt worden. Ook folders en flyers vallen natuurlijk onder drukwerk.

Open kabel

Televisie en radio zijn nog nauwelijks open. De overheid heeft de ether en kabel toegeëigend en verkoopt de ruimte aan bedrijven of verleent het recht aan 'publieke omroeporganisaties' die geld en vooral veel kijkcijfers moeten binnenhalen om dat recht te mogen behouden. Het recht op uitzenden is dus voor een groot gedeelte geprivatiseerd en een marktproduct gemaakt.

In Amsterdam is er wel ruimte voor open media via televisie en radio. Bij Salto kunnen zowel stichtingen als particulieren voor een kleine vergoeding een uur tv-tijd krijgen, of meer. Salto, dat voortkomt uit de kraakbeweging, beheert nu drie tv- en zeven radiostations. Het heeft een landelijk bereik van zes procent, met een miljoen mensen die het kunnen ontvangen. In Rotterdam is er het vergelijkbare maar meer gesloten SLOR.

Van Salto wordt al meer dan twintig jaar zeer gretig gebruik gemaakt door een diverse reeks van groepen. Er zijn wekelijks kritische uitzendingen van onder meer Vrije Keyser TV, Bellisima, Studenten TV en Mokum TV. Ook zijn discussies en experimentele uitzendingen aan de orde van de dag. Dankzij deze open media op de Amsterdamse kabel wordt je een kijkje gegund in de denk- en leefwereld van allerlei groepen.

Mede hierdoor, kan betoogd worden, is de opkomst van xenofobische stromingen in politiek en samenleving beperkter in Amsterdam. De mensen weten meer van elkaars gewoonten en denkrichtingen, en zij laten anderen eerder in hun waarde. In alle steden en dorpen, en op de regionale en landelijke kabel, had deze ruimte voor open tv en radio er allang moeten zijn.

Internet

Internet is een wereldwijd open netwerk van digitale communicatie. Het is mogelijk om hiermee lokale open media uitzendingen te verzamelen. Was er in Baghdad of Basra een Iraki met opnamemateriaal geweest, dan had dit een veel eerlijker beeld gegeven van de oorlog. Via internet had dit materiaal vervolgens verspreid kunnen worden én door lokale vrije en open media worden opgepikt (dit kan natuurlijk nog steeds).

Deze ontwikkelingen zijn nu al zichtbaar. Informatie die vrij wordt verstrekt (open bron, copyleft, anticopyright) wordt op internet ter beschikking gesteld, en is een grote bron van allerhande alternatieve informatie. Verhalen van verre oorden zijn vrij beschikbaar op internet en worden door open media als radio, tv en krant verspreid.

Een voorbeeld is de live-uitzending tijdens de vredesdemonstratie in Amsterdam die door vrije radiostations uit Leiden, Amsterdam, Den Haag en Den Bosch gemaakt werd onder de naam Vrije Radio voor Vrede. Ook actiebladen als Wageningen Underground Resistance nemen artikelen van internet over en in NRC Handelsblad lees je vertaalde artikelen die al de dag ervoor op internet beschikbaar waren. En films die allang op internet staan, vliegen soms via Salto zo om je oren.

Dat is de kracht van internet in combinatie met andere media. Internet zelf als massamedium is nog altijd te beperkt. Internet blijkt geschikter voor verzamelingen van informatie dan als massamedium. Voor dit laatste zijn traditionele media als radio, tv en krant vooralsnog geschikter.

Ambacht

Open media maken voor een deel een einde aan het traditionele idee van 'de journalist'. In die optiek is de journalistiek een ambacht, alleen weggelegd voor wie het vak beheerst. Dat is een drogredenering bedoeld om het huidige systeem in stand te houden.

Natuurlijk zijn er eigenschappen die erg handig kunnen zijn, maar deze bekwaamheden kunnen iedereen aangeleerd worden. De rol van 'de journalist' ligt vooral in facilitatie, ondersteuning van communicatie en het verzamelen of filteren van nieuws, verhalen en onderzoeken die via open media binnen komen en op internet ter beschikking worden gesteld.

Juist dit soort eigenschappen kunnen helpen bij het voorkomen dat je in de valkuilen van de media trapt. Aan de ene kant is er de valkuil van platte propaganda en manipulatie van feiten en anderzijds is materiaal soms niet om aan te zien of horen, of is onleesbaar. Ervaren journalisten kunnen met cursussen anderen aanleren hoe communicatie werkt. Ook kunnen de meer ervaren journalisten bijleren hoe je filtert, overzicht aanmaakt en hoofd- en bijzaken kan onderscheiden.

En het effect van manipulatie van feiten mag zeker niet overdreven worden. Juist met gecontroleerde media is er spraken van manipulatie van toeschouwers, zoals dagelijks wordt bewezen. Door de toename van de diversiteit, logisch gevolg van open media, zal manipulatie eerder af dan toenemen. Zelfregulering zal vanzelf toenemen omdat manipulatie eenvoudiger zichtbaar valt te maken dan nu het geval is.

Concurrentie of samenwerking

In het huidige systeem zien media vooral concurrenten. Informatie wordt niet overgenomen, noch van elkaar noch van alternatieve media. Zo zijn er veel reportages die je, als je ze gemist hebt, nooit meer tegenkomt. De overheid heeft recent geld voor de publieke omroep ter beschikking gesteld voor internetontwikkeling waardoor veel materiaal via internet alsnog beschikbaar is, maar de vraag is hoe lang dit zo zal blijven.

Een belangrijke reden voor het zomaar verdwijnen van materiaal is de copyrightstempel waardoor het niet verder verspreid mag worden en ook op internet steeds vaker achter betaalsites wordt geplaatst. Hiermee wordt bewezen dat intellectuele eigendom een vijand is van de vrije verspreiding van informatie en dat deze economische structuren tegenstrijdig zijn met democratische waarden. Een direct gevolg hiervan is dat bepaalde informatie en nieuws er slechts voor bepaalde groepen is. Daar liggen mogelijkheden voor vrije media.

Een noodzakelijk gevolg van deze ouderwetse optiek en van de dominantie van marktlogica in de mediawereld, is journalistiek als grijze massa. Juist mediadiversiteit is essentieel, maar valt in mainstream medialand ver te zoeken. Wie via internet nieuws volgt, en alternatieve tv en radio volgt, ontdekt snel de algemene bekrompenheid van de gangbare media en journalistiek.

De weg naar democratie gaat gepaard met directe toegang tot media. Het verschil tussen consument en producent moet in media zoveel mogelijk opgeheven worden. Het zijn de mensen en organisaties zelf die nieuws maken. Zij moeten dan ook mogelijkheden hebben of nemen om zelf met media bezig te zijn. Dat is de kern van open media en van democratie.

Kennis zal hierdoor toenemen. Dit is nu al feit dankzij internet waar het vrij eenvoudig is om aan informatie te komen en waar manipulatie van mainstream media vrij snel gecounterd wordt. Kortom, kennis zal door open media dermate toenemen dat mensen beter en sneller in staat zullen zijn om door manipulatie en propaganda heen te prikken. Maar dan moet kennis niet geïsoleerd gebracht worden, maar samengevoegd en in relatie tot elkaar komen in overzichten, zoals dat nu door redacties van internetsites, sommige kranten en door internetloggers wordt gedaan. Dat is wat redactioneel werk inhoudt.

Copyleft, open bron journalistiek (bronnen vrijgeven) en open media zijn essentiële voorwaarden voor de verspreiding van nieuws en informatie, en activering van ons allemaal. In combinatie met internet is dit het alternatief voor copyright en traditionele journalistiek. Het doet ook nog eens meer recht aan solidariteit, democratie en vrijheid - vrijheid om zelf en collectief onze eigen levens te mogen bepalen.

Robin van Stokrom
(met dank aan MauzZ)

Meer info: www.n5m.org



Terug