Redactioneel

Vergeleken met veel andere bladen, werd dit tijdschrift nog niet zo lang geleden geboren. Toevallig boorden zich rond die tijd een aantal vliegtuigen in (hiervoor nog nooit zo vaak genoemde) gebouwen in een stad ergens in Amerika. Kort daarna, begon datzelfde land met een aanval op een (door een niet zo’n mediagenieke groepering geleid) onherbergzaam land ergens in Azië. Op het moment van het schrijven van dit redactioneel zijn de aanvallen op weer een ander land door eerdergenoemde statenbond, nog niet begonnen doch dit kan een kwestie van slechts enkele minuten zijn. Er zijn weinig parallellen te trekken tussen het bestaan van beide creaties. Waar de president van het land van de ‘onbegrensde mogelijkheden’ voor de tweede keer in zijn carričre van slechts anderhalf jaar aan een land de oorlog heeft verklaard, is dit magazine op een vredelievende wijze vooropgegaan tegen het bedrog en de propaganda die door de nationale media in het land verspreid worden. Binnenkort zullen videobeelden van uit grote hoogte afgeworpen projectielen, die gebouwen, voertuigen en bruggen in de as leggen, onze tv-schermen vervuilen (waar hebben we dit eerder gezien?). Woorden als ‘collateral damage’ en ‘smart missiles’ zullen deze dagen weer de veelvuldig uit monde van politici en militairen vernomen worden. Deze zullen weerklinken in artikelen, commentaren, opiniestukken en reportages in onze zogenaamde kwaliteitskranten. Gedurende de hele genoemde periode hebben wij daar aandacht aan besteed. En dit zullen we ook in de toekomst blijven doen. De media is gretig ingesprongen op hetgeen er momenteel speelt in de wereld en dat is ons natuurlijk ook opgevallen. Hierover vindt u diverse artikelen te lezen in dit nummer.

 

Onze achtergronden

“Het probleem na de oorlog ligt bij de overwinnaar. Hij denkt dat hij zojuist heeft bewezen dat oorlog en geweld werken. Wie zal hem nu een lesje leren?”

“Onrechtvaardige wetten en manieren van doen, blijven in stand omdat de mens zich er bij neerlegt en zich aanpast. Dit komt voort uit angst. Er zijn dingen die men meer vreest dan het in standhouden van het kwaad.”

“Er is een bepaald soort traagheid in ons, de wens om niet gestoord te worden die maakt dat we geneigd zijn te denken dat wanneer het rustig is, dat alles goed is. Onbewust geven we de voorkeur aan ‘sociale vrede’, al is het maar schijn, omdat het dan lijkt dat onze levens en bezittingen veilig zijn. In feite, berust de mens veel te gemakkelijk in kwaadaardige omstandigheden; ze verzetten zich veel te weinig. Er is niets edels aan berusting in een verkrampt leven of louter onderwerping aan overheersende krachten.”

“Zij die zich ertoe kunnen zetten om afstand te doen van een leven in rijkdom, carričre en macht dat ontspruit uit een sociaal systeem dat hebberigheid beloont en dat gebaseerd is op geweld, en die zich op een oprechte manier kunnen identificeren met strijd van de massa’s voor een betere toekomst, kunnen een bijdrage leveren - ongetwijfeld meer door hun manier van leven dan door hun woorden – aan de ontwikkeling van betere vormen van sociale vooruitgang, die minder wreed, grof, kostbaar en traag zijn dan tot op heden is ontwikkeld door de mensheid.”

“In een wereld die is gebaseerd op geweld, zal men eerst een revolutionair moeten zijn, voordat men pacifist kan wezen.”

“Het revolutionair pacifisme van A.J. Muste”, overgenomen en vertaald uit American Power and the New Mandarins van Noam Chomsky

 



Terug