De strijd voor de vrijheid van meningsuiting in de jaren 60

Mediakantekeningen bij het overlijden van een Koninklijke Hoogheid

De media zaten er bovenop. Direct na de dood van Claus begon de gesmeerde mediamachine op volle toeren te draaien. Zelfs de Rijksvoorlichtingsdienst had nooit kunnen dromen van zo'n overweldigende aandacht. Over de doden niets dan goed. Toch heeft de Claus-factor een belangrijke rol gespeeld in de strijd voor de vrijheid van meningsuiting in de jaren zestig. De gehele oplage van de Panorama moest uit de winkels worden gehaald. De befaamde rookbom tijdens het huwelijk en het brute politieoptreden zorgde voor de grootste rel uit die tijd. Met vérstrekkende gevolgen.

door Martin Hulsing

In de jaren zestig speelde zich in Nederland een hevige strijd af voor de vrijheid van meningsuiting. Een jongen met lang haar werd in het benauwde klimaat van die dagen al snel als aanstootgevend of bedreigend gezien. De term politieke correctheid werd pas in de jaren negentig salonfähig, maar toentertijd werd vrijwel ieder dissident geluid in de kiem gesmoord. Het is moeilijk voor te stellen, maar relatief onschuldige opmerkingen en uitingen werden actief doodgezwegen. Of werden beantwoord met buitengemeen felle reacties van intelectuelen, politici en andere hotemetoten. Grote hoeveelheden lullige blaadjes werden in beslag genomen, de schrijvers ervan beboet of zelfs in de gevangenis gesmeten. De grote veroveringen op het gebied van de vrije meningsuiting werden vaak letterlijk bevochten op straat. Er werden heel wat rake klappen uitgedeeld door fatsoensrakkers en door de politie, die in die dagen zelfs nog het plat van het sabel hanteerden.1 Als Paul de Leeuw in die dagen zijn mond had opengetrokken dan zou hij niet te maken krijgen met een simpel verbod, boete of gevangenisstraf. Hij zou letterlijk aan stukken worden gescheurd door een gewelddadige horde brave burgers.

Provo's, Panorama en Claus

In dat klimaat kwam Claus von Amsberg naar Nederland om te trouwen met Beatrix. En er was nog iets anders. "Hoewel Claus, zoals ook zijn familie, volstrekt tegen het nazi-regime gekant is geweest, waren beide jongemensen, evenals wijzelf, zich heel duidelijk de twijfels en zelfs de weerstanden bewust, die hun verloving bij menigeen kon oproepen - in het bijzonder bij hen die de oorlog hebben doorleefd," dit waren wijze woorden die koningin Juliana sprak bij de presentatie van het jonge stel. De mythe dat Claus evenals zijn familie tegen het nazi-regime gekant is geweest, wordt vanuit de regering en koningshuis onverbiddelijk in stand gehouden.

Maar op straat begint het te rommelen. Het waren zeker niet alleen de Provo's die de leuze 'Claus rauss' op de muur kalkten. Ook vanuit de organisaties van het voormalig verzet kwamen er acties tegen het huwelijk op gang. Eind 1965 is het de voormalig Waarheid journalist Wim Klinkenberg die in de Panorama als eerste het verhaal over het doen en laten van Claus en zijn familie in de oorlog publiceert. De hoofdredacties van het Algemeen Dagblad, de Friese Koerier en Het Parool hadden het verhaal, "De jeugd van de prins-gemaal", afgewezen. Zij durfden de verantwoordelijkheid voor publicatie niet aan. Op zondagmorgen 5 december 1965 lag dan toch de Panorama in de kiosk, met het verhaal over Claus. Nog diezelfde avond gelaste de uitgever (VNU), waarschijnlijk op instigatie van de regering, dat de totale oplage van Panorama uit de schappen moest worden gehaald en worden vernietigd. Aldus geschiedde. Hoofdredacteur Vermeulen van de Panorama werd na schorsing enige tijd met 'ziekteverlof' gezonden.2

"ernstige ongeregeldheden tussen de politie en ongewenste elementen"

Dit ongelofelijke machtsvertoon sloeg in als een bom. Veel meer dan de feitelijke inhoud van het artikel. Goed, de familie van Amsberg was zeker niet anti-nazistisch geweest en hadden de jonge Claus, ondanks dat ze op een plantage in het Brits protectoraat Tangayika zaten, een goede Deutsche opvoeding gegeven en in 1938 terug naar de Heimat gestuurd. En ook de foto's van de jonge Claus in uniform met daarop de SS-doodskop waren geen goede reklame. Maar het meeste was ondertussen al bekend, of gemakzuchtig verondersteld.

Tijdens het huwelijk op 10 maart 1966 kwam het tot een groot conflict, waarbij zich "ernstige ongeregeldheden voordeden" tussen de politie en "ongewenste elementen." De befaamde rookbom werd door de samenwerkende omroepverenigingen zorgvuldig uit de 'nationale' reportage op de televisie gehouden.

Op 19 maart werd er aan de Prinsengracht 820 een foto-tentoonstelling over de gebeurtenissen rond het huwelijk geopend, geheel gewijd aan het politieoptreden tijdens het huwelijk. Hierbij treed de politie wederom keihard op. Cineast Louis van Gasteren maakte hiervan een wereldberoemd filmpje, dat door de NTS werd geweigerd "vanwege het kontroversiële onderwerp." De VARA vertoonde het filmpje 'Omdat mijn fiets daar stond' echter wel in Achter het nieuws. Op de beelden wordt een jongeman volledig en langdurig door een aantal politiemannen in elkaar geslagen, inderdaad 'omdat zijn fiets daar stond.' Voor de Centrale Commissie voor de Filmkeuring is dit aanleiding het filmpje te verbieden omdat het strijdig zou zijn met "het belang van de openbare orde."

Opruiende geschriften

Het politie optreden leidt ook tot een bestuurlijke rel. De Amsterdamse hoofdcommissaris van politie en burgemeester van Hall worden gedwongen om af te treden. Maar het politieoptreden tegen de "ongewenste elementen" gaat keihard door. Procureur-generaal mr H.M. Grelink kondigt aan dat er een verscherping zal komen van de 'normen voor strafoplegging'. Boekhandels en drukkers worden geintimideerd door de politie om het licht-opruiiende drukwerk te weren, omdat het "de reputatie van uw zaak schade doet." Velen zwichten onder deze druk.

Op 1 april reikt Hans Tuynman aan twee agenten in uniform een pamflet ("provokatie nr. 13") uit waarin wordt opgeroepen tot een "individuele demonstratie." Hiervoor wordt hij gearresteerd door de agenten en wordt hij twee weken vastgehouden. Hij wordt vrijgelaten onder voorwaarde zich te zullen "onthouden van samenscholingen of handelingen welke de openbare orde kunnen verstoren." Kort daarna wordt hij bij een happening op het Spui wederom aangehouden. Ditmaal wordt hij voor de rechter gebracht en "wegens het verspreiden van een opruiiend geschrift" veroordeeld tot drie maanden gevangenisstraf. Cineast W. Rademaker krijgt 6 dagen gevangenis "wegens het niet doorlopen," op het Spui. Enzovoorts.3

Dit gaat nog jaren zo door. Nog heel veel mensen worden beboet, geintimideerd of in de gevangenis gesmeten wegens allerlei tekstjes en tekeningen die als beledigend, opruiiend, tegen de goede smaak, anti-religieus, anti-koningshuis of staatsgevaarlijk worden beoordeeld.

Het is niet zo dat dit soort zaken niet meer voorkomt, zie onze maandelijkse rubriek "Wat niet mocht ... ", maar de aard is wel degelijk veranderd. Er is in Nederland een hoop meer vrijheid, als het gaat om uiterlijke verschijning, meningsuiting en organisatie. Het klimaat is een stuk minder intimiderend, daar is geen twijfel aan.

Paradox

Momenteel zijn er andere methoden om de bevolking in het gareel te houden. Negeren werkt in het algemeen veel beter dan het in elkaar slaan van mensen. De uniformiteit van de huidige media is stuitend. In de jaren zestig waren er 'linkse' kranten en tijdschriften die er voor zorgden dat opruiiende ideeën en standpunten een weg vonden naar een groter publiek. Er waren felle debatten tussen dat wat men 'links' en 'rechts' noemden. Hiervan is nog heel weinig over in Nederland. Over de gehele breedte genomen zijn media kwalitatief een stuk beter geworden, veel minder partijstandpunten en veel meer feiten. maar er zijn ook veel minder debatten. Dat kan met recht een paradox genoemd worden. De belangrijkste reden hiervan is dat alternatieve geluiden en kritieken, vaak de belangrijkste voorwaarde voor een goed debat heel lang en effectief worden genegeerd of geridiculiseerd over de gehele breedte van het mediaspectrum.

Hyper-Noten

1  Er is veel te lezen over deze periode, maar het aardigste is nog steeds de simpele registraties zoals die werden vastgelegd door Wim Hazeu in "Wat Niet Mocht", verschenen in 1982 bij Uitgeverij de Harmonie.
2  "Prins Bernhard: een politieke biografie," 1979, Wim Klinkenberg, Onze tijd, Amsterdam.
3  "Wat niet mocht," Wim Hazeu.


Terug