Undercover?!

"Undercover bij Leefbaar Nederland", schreeuwde de cover van Nieuwe Revu in maart. Verslaggever Henk Ruigrok was vijf maanden vrijwilliger bij LN en schreef stukken voor het partijblad Leesbaar Nederland. Grote ontdekkingen deed hij niet, behalve dat partijvoorlichter Kay van der Linde zei: "Pim neukt graag Marokkaantjes, zolang ze hier maar niet komen wonen."

door Renzo Verwer

Het partijblad van LN reageert scherp op de reportage van haar voormalige `collega': "Zes pagina's free publicity. Niet te vergeten goede interviews met Hans Wiegel, Pim Fortuyn, Klaas Wilting en Anton Geesink. () Bedankt Henk Ruigrok. Maar wat zal jij je lullig voelen tegenover de mensen die jou ongereserveerd in hun midden opnamen."

Is Ruigroks undercover-reportage nou mislukt? De journalist, desgevraagd: "Nee. Inderdaad, een vriendelijk stukkie in LN, op die laatste regel na dan want lullig voel ik mij allerminst. Toen ik mij als lid cq vrijwilliger heb gemeld had ik niet de indruk dat er veel te onthullen zou zijn omdat Nagel & Co natuurlijk nooit een vrijwilliger bij hun Geheim Overleg zouden betrekken. Waarom ging ik undercover? Wie mijn stuk in Nieuwe Revu goed gelezen heeft, ziet dat ik niet eens undercover hoefde omdat niemand mij iets vroeg. Ik meldde mij onder mijn eigen naam en kon meteen aan de slag, zo simpel was het gewoon.

"Als vrijwilliger kon ik kiezen uit postzegels plakken, adressen in de computer invoeren of telefoon aanpakken. Omdat ik daar weinig in zag (maak daar maar eens een leuk artikel van) en dat niet maanden vol zou houden, gaf ik mij op als medewerker van hun partijblad.

Dat niemand vroeg wie ik was, waar ik vandaan kwam en wat ik precies kon, heeft mij zeer verbaasd. Zelfs toen ik Wiegel ging interviewen vroeg geen hond of ik zoiets wel eens eerder had gedaan.

"Aanvankelijk wilde ik tot een week of wat vr de verkiezingen bij LN blijven maar toen Fortuyn de pijp aan Maarten gaf c.q. moest geven vond ik dat een mooi moment om op te stappen. Ook al omdat na de start (dat blad moest nog van de grond komen maar dat was na een paar vergaderingen gepiept) alle communicatie via die verdomde e-mail ging was het niet eenvoudig om een lekker stuk voor Nieuwe Revu te maken.

"Toch kwam ik -vond ik- na een maand of vijf thuis met een nogal komisch verhaal vol aardige details. Tot mijn verdriet (en woede!) was er blijkbaar onvoldoende ruimte in Nieuwe Revu voor mijn stuk van amper acht A-4'tjes. Dus hakte de eindredactie -zonder mij op de hoogte te brengen- stevig in dat stuk waardoor veel verloren ging. Wat overbleef was naar mijn idee nog slechts een schim van mijn oorspronkelijke reportage. Dat is zuur en vooral omdat het mijn allerlaatste bijdrage was aan het blad waar ik ruim de helft van mijn veertigjarige journalistieke leventje heb gewerkt.

"Hoe kijk ik tegen Fortuyn cq Leefbaar aan? Vanaf het eerste contact was duidelijk dat de ideologie vooral gebaseerd is op kritiek maar van niemand heb ik gehoord hoe het dan wel zou moeten. Het enige dat je Fortuyn moet nageven is dat hij het politieke bed stevig heeft opgeschud wat hem recht geeft op de term 'de Schrik van 's Gravenhage'.

"En voor wie daar benieuwd naar is: Nee, ik ga noch op Fortuyn noch op Leefbaar Nederland stemmen."



Dit artikel verscheen in verkorte vorm in De Journalist , nummer 8, 2002



Terug