Artikel over Volkenbond anno 1936 + commentaar
over positie VN anno nu

Hier volgt een artikel uit de Zeeuw van 1936 over zin en onzin van de Volkenbond, de voorloper van de Verenigde Naties. Het artikel wordt in de context van de huidige tijd geplaatst door Mr. Meindert J.F. Stelling.

 

COMMENTAAR
Door Mr. Meindert J.F. Stelling

Een krantenartikel uit 1936 over de schendingen van het volkenrecht leidt als het ware vanzelfsprekend tot de vraag: zijn de ontwikkelingen op dat terrein nu even somber? Die vraag is moeilijk te beantwoorden. Het artikel uit 1936 beoordelen wij immers vanuit de kennis van wat daarna volgde. Wij kunnen dat artikel niet los zien van de agressie van Hitler Duitsland, die tientallen miljoenen het leven heeft gekost en die de genocide op het Joodse volk mogelijk maakte. Wat het vervolg zal zijn van de rechtsschendingen die thans plaatsvinden, is niet met zekerheid te zeggen.

Dat er momenteel ernstige schendingen van het volkenrecht plaatsvinden, staat buiten kijf. Dat is overigens niets nieuws, want met enige regelmaat hebben we dergelijke schendingen gezien. Zo negeerden met name de Verenigde Staten diverse malen het volkenrechtelijk geweldverbod. Zonder dat er sprake was van een gewapende aanval op de Verenigde Staten en zonder dat daaraan een beslissing van de Veiligheidsraad van de VN ten grondslag lag, gebruikten de Verenigde Staten herhaaldelijk militair geweld tegen andere soevereine staten. Die schendingen van het geweldverbod werden veelal veroordeeld door andere staten, waaronder soms ook bondgenoten van Amerika.

Nieuw
Wat in de huidige situatie nieuw is, is dat de agressie van de Verenigde Staten tegen Afghanistan niet is afgekeurd door andere staten. Ook de pers laat zich daarover in het algemeen positief uit. Zo wordt het feit dat momenteel meisjes in Kabul weer naar school kunnen gaan, gepresenteerd als positief resultaat van de oorlog tegen het Taliban-regiem. Alsof de oorlog tegen Afghanistan is begonnen om de mensenrechtensituatie in Afghanistan te verbeteren!

Wat in de huidige situatie ook nieuw is, is dat de Verenigde Staten hebben gedreigd met militaire acties tegen nog meer staten. Dit alles onder het mom dat die staten het terrorisme zouden steunen. Kennelijk zijn de Amerikanen vergeten dat zijzelf gedurende tientallen jaren en overal ter wereld terroristische groeperingen hebben gesteund. Gesteund met financiële middelen, wapenzendingen, opleidingen en het zenden van adviseurs. De verschillende Amerikaanse presidenten zijn verantwoordelijk voor stromen bloed, voor aantallen slachtoffers waarbij het aantal doden van 11 september 2001 in het niet valt. Hoe dit ook zij, duidelijk is dat het dreigende Amerikaanse militaire optreden tegen andere staten het systeem van de Verenigde Naties uitholt en de positie van de Veiligheidsraad ondermijnt. De Amerikaanse president claimt immers de bevoegdheid om eenzijdig te kunnen besluiten tot gebruik van geweld tegen andere staten. Hij eist bovendien dat staten de zijde van de Verenigde Staten kiezen in hun strijd tegen het terrorisme. Afwijzing van dat Amerikaans optreden betekent in de ogen van de Amerikaanse regering dat steun wordt verleend aan het terrorisme, zodat de staten die zich niet voegen naar de Amerikaanse zienswijze, zelf doelwit van een Amerikaanse militaire actie kunnen worden. Met deze benaderingswijze usurpeert de Amerikaanse president bevoegdheden die uitsluitend aan de Veiligheidsraad toekomen.

Niet nieuw
Niet nieuw is overigens het feit dat de Amerikaanse regering mensenrechten schendt. Dat hebben onze bondgenoten bij voortduring gedaan. Zo leerden zij gedurende decennia militairen uit andere landen zelfs hoe gevangenen het beste gemarteld kunnen worden. Dat martelen besteden de Amerikanen ook nu weer uit: gevangengenomen strijders van de Taliban of Al-Qaida worden "uitgeleverd" aan landen waarvan bekend is dat gevangenen er regelmatig worden gemarteld.

Wat de huidige situatie buitengewoon zorgelijk maakt, is de ruimere context. Zo streven de Verenigde Staten naar militaire onkwetsbaarheid door middel van een anti-raket verdedigingssysteem. Om dat systeem mogelijk te maken, is het ABM-verdrag met Rusland opgezegd. Dat door deze ontwikkeling andere landen zich bedreigd voelen, vormt voor de Amerikaanse regering geen reden om haar beleid aan te passen. De gerechtvaardigde veiligheidsbelangen van andere landen tellen voor de Amerikaanse regering eenvoudig niet. Dit blijkt niet alleen uit het streven naar een anti-raket verdedigingssysteem, maar ook uit de aankondiging dat nieuwe typen kernwapens worden ontwikkeld. Een ontwikkeling die haaks staat op de volkenrechtelijke verplichting om te komen tot nucleaire ontwapening. Een verplichting die voortvloeit uit het Non-Proliferatieverdrag, zoals het Internationaal Gerechtshof in 1996 benadrukt heeft.

Ook op andere terreinen wensen de Verenigde Staten geen rekening te houden met de belangen en inzichten van andere staten. Zo torpedeerden de Verenigde Staten het Kyoto-verdrag. Evenmin wenste de Amerikaanse regering zich te onderwerpen aan een internationaal strafrechtsysteem dat overigens door de gehele internationale gemeenschap wordt gesteund. De Verenigde Staten onderschrijven het Verdrag inzake het Internationaal Strafhof niet. Sterker nog, landen die dat verdrag steunen worden door de Verenigde Staten met sancties bedreigd, zodat kan worden gezegd dat de Verenigde Staten de verdere ontwikkeling van de internationale rechtsorde willens en wetens proberen te verhinderen.

The American way of life
In deze ruimere context gaat het overigens niet alleen om de ontwikkelingen op volkenrechtelijk gebied. Het gaat ook om kenmerken van de Amerikaanse samenleving. Eén van de kenmerken die in dit verband relevant zijn, is het extreem nationalisme dat zich op talrijke manieren in de Verenigde Staten manifesteert. Dit nationalisme blijkt onder meer uit de vergaande intolerantie tegenover Amerikaanse staatsburgers die het militair optreden tegen Afghanistan afwijzen. Daarnaast is er het geloof in wapens, dat onder meer zichtbaar wordt in de verbeten verdediging van het individuele recht om vuurwapens te dragen. Hoewel jaarlijks duizenden doden vallen door het gebruik van vuurwapens, telkens weet de Amerikaanse wapenlobby te verhinderen dat dat recht wordt ingeperkt. Tenslotte is er het opvoedingssysteem waarin, zoals een aantal Amerikaanse onderzoekers hebben beschreven, kinderen wordt bijgebracht om desnoods door fysiek optreden tegenover andere kinderen op te komen voor hun eigen rechten. Een manier van opvoeden die manifest agressiever is dan die in andere landen. Deze trekken doen de Amerikaanse samenleving in sommige, maar wezenlijke opzichten lijken op de Duitse samenleving in 1936.

De verzuchting uit 1936 dat krachtig zou moeten worden meegewerkt aan de opbouw van een internationale samenleving die aan recht en gerechtigheid beantwoordt, kan wat mij betreft anno 2002 worden herhaald. De Nederlandse regering heeft de grondwettelijke taak om de ontwikkeling van de internationale rechtsorde te bevorderen. Die taak zou met minder terughoudendheid mogen worden aangepakt. In ieder geval zou een krachtig Nederlands verzet mogen worden verwacht tegen de Amerikaanse aantasting van de internationale rechtsorde.

Mr. Meindert J.F. Stelling is kapitein van de Koninklijke Luchtmacht bd en momenteel voorzitter van de Vereniging van Juristen voor de Vrede

 




Terug