De illusies van Grunberg

Door Martin Hulsing

EXTRA! 2 november 2001 Grunberg heeft een flinke hoeveelheid mensen op de kast gejaagd door naar aanleiding van de aanslagen te schrijven 'dat op 12 september 2001 om half een 's middags in het Indiase restaurant Tamarind, zo'n twee kilometer ten noorden van de catastrofe, de aardappelkoekjes weer als vanouds smaakten. Ik meende zelfs een lichte verbetering te hebben bespeurd.'

Twee dagen voor de aanval op Afghanistan had hij al blijk gegeven van zijn ongevoeligheid voor Afghaans leed. Instemmend reageert hij met een humanistische kwinkslag vrij naar Erasmus: "de oorlog die misschien komt, valt mijns inziens onder de zotheid, ja. Noodzakelijke zotheid." Tot zover kun je hem betichten van ongevoeligheid, maar in tegenstelling tot vele andere intellectuelen in Nederland doet hij het zonder onderscheid. De meesten van de heren en dames intellectuelen vinden in de 11de september een reden om op een andere plek op aarde de moordpartijen goed te praten. Voor Arnon Grunberg is het Amerikaans en Afghaans leed ongeveer net zo oninteressant.

In een van die boekjes van 'm had hij het al geschreven: 'Oorlog ruimt lekker op, net als de voorjaarsschoonmaak. Wie zegt: "ik ben tegen de oorlog", laat zien dat hij het slachtoffer is van manipulerende cynici en op macht beluste entertainers.' Want Grunberg probeert zonder illusies te leven, maar helaas. Echt giftig wordt Grunberg toch als het om hen gaat die tegen de oorlog demonstreren. Boeings in een kantoor vliegen geen probleem. Burgers bombarderen in het een of andere derdewereldland, soit. Allemaal zotheid. Maar demonstreren tegen de oorlog, dat is 'zo naïef dat het kwalijk en schadelijk is.'

'Die mensen willen zo consequent hun handen schoonwassen dat ze eventuele doden op de koop toe nemen. Ik betwijfel of geweld per definitie verkeerd is, want dan geef je het monopolie van geweld aan mensen die er anders over denken. Die dus hun geweld voor hun goede zaak wél toelaatbaar vinden. En daar zouden wij dan een pacifistische demonstratie tegenover stellen? Dat vind ik een ver doorgevoerd nihilisme: ruim ons maar op, we zijn toch niets waard.' (Volkskrant, 5-10-2001)

Fascinerend. Alle pogingen om zonder illusies te leven, in een klap aan stukken geslagen, door een anti-oorlogsdemonstratie. Voor Grunberg is de tijd van het nihilisme voorbij. Er is weer een hoger doel in het leven: een kruistocht tegen de pacifisten, nihilisten en de schone handen.



Terug